Main content

Hardloopzaadje

Hardlopen is in de afgelopen jaren, een niet meer weg te denken onderdeel, in mijn leven geworden.

Ik heb aan verschillende wedstrijden meegedaan en een jaarlijks terugkerende, was de halve marathon in Den Haag, de City-Pier-City loop. Maar door regen en harde windstoten werd deze dit jaar afgelast. Om de teleurstelling weg te spoelen, heb ik me diezelfde zondag meteen ingeschreven voor de halve marathon van Leiden. En toen was het nog twee maanden flink doortrainen.

Lopen in Leiden voelt voor mij nog steeds een beetje dubbel

Het is de stad, waar ik vijf jaar heb doorgebracht als psychologie student. Voor velen is de studententijd een tijd van nieuwe vrienden maken, jezelf ontdekken, plezier maken en als je tijd over hebt ook nog iets aan je studie doen.

Voor mij was die tijd het begin van een  verwarrende en vaak eenzame periode. Ik twijfelde aan van alles en vooral aan mijzelf. Ik had veel moeite om contact te maken en raakte ervan overtuigd dat ik nergens bij hoorde.

Om nu, 25 jaar (!) nadat ik voor het eerst dat voor mij angstaanjagende en intimiderende universiteitsgebouw inliep, weer terug te zijn om voor de lol en mijn plezier 21,1 kilometer te zwoegen en te zweten, maakt me weemoedig, nostalgisch, trots en dankbaar tegelijk.

Nu sta ik hier dus voor de vijfde keer aan de start van een wedstrijd in Leiden.

Ik doe erg mijn best om me zo ontspannen mogelijk te voelen. Maar ik ken mezelf inmiddels.
Ik heb mijn normale warming-up gedaan en laat alle gedachtes en twijfels gewoon maar komen. Ik heb inmiddels vaak genoeg met dit bijltje gehakt en blijkbaar heeft dat twijfelen en piekeren ook nut, het is er in ieder geval niet voor niets.

Ik ben alert en geconcentreerd en ik weet, dat zodra ik de startlijn gepasseerd ben, mijn hoofd een stapje terug moet doen en mijn lichaam het als vanzelf overneemt. Daar kan ik op vertrouwen.Niet dat ik tijdens het rennen niet nadenk. In tegendeel.

Er komen heel veel gedachtes, maar ik heb geen tijd om daar bij stil te staan (letterlijk), want mijn benen en mijn armen hebben al mijn aandacht nodig.

  • Ik denk aan al die hardlooptrainers en hun adviezen: ‘gebruik je armen goed, loop rechtop, ga niet te snel van start en let op je ademhaling!’
  • Ik denk aan die vijf lange en eenzame jaren en dat ik ondanks alle tegenslag het toch voor elkaar heb gekregen af te studeren.
  • Ik denk aan mijn moeder, die toen ziek was en alweer bijna 18 jaar geleden overleed. Ook denk ik aan mijn zusjes, die mij, ieder op haar eigen manier, hebben gesteund en zijn blijven steunen in mijn donkerste dagen én toen ik weer langzaamaan herstellende was.
  • Ik denk aan de blubberige heuvellandmarathon en aan de natte en koude socialrun van vorig jaar.

Dat wordt het volgende hardloopevenement op de kalender, want natuurlijk doe ik daar dit jaar ook weer aan mee.

Ik denk aan de mensen, die er niet meer zijn.

Mensen, die ik leerde kennen na mijn opnames en tijdens de opleiding tot ervaringsdeskundige. En ik, ik ben er nog wel. Gezond van lijf en leden. En ik hoor mijn vader zeggen:  alhamdulillah, God zij dank.

Het hardloopzaadje werd bij mij voor het eerst geplant door een van de verpleegkundigen in de kliniek. Zij zag dat ik tijdens het wekelijkse fitness- en badmintonuurtje opleefde en spoorde me aan om ook als ik weer thuis was te blijven sporten. Misschien was hardlopen wel wat voor mij.

Ik werd uiteindelijk lid van een hardloopvereniging, wat gezien mijn angst voor groepen echt een hele grote prestatie was en ging langzaamaan, met vallen en opstaan zoals dat gaat, aan mijn conditie werken. Ik ging me ook wat meer op mijn gemak voelen tussen al die hardloopgekke fanatiekelingen, met als gevolg, dat ik zelf ook besmet raakte met het virus dat hardlopen heet.

Het hardloopzaadje is nu inmiddels stevig geworteld

Er zijn weken, dat ik vier keer ren. Gewoon, omdat ik het wil, het leuk vind en weet dat het voor mij werkt als een natuurlijk antidepressivum.
Mijn kwetsbaarheid of gevoeligheid is niet weg, maar tijdens het hardlopen ben ik vrij en voel ik me compleet. Ik kan er heel veel in kwijt (veel meer dan alleen ‘mijn ei’) en het levert me veel op.

Natuurlijk doet het pijn en vraag ik mezelf, ook tijdens deze wedstrijd in Leiden, verschillende keren af, waarom ik dit ook al weer doe. Maar zodra de finish nadert doet dat er allemaal niet meer toe. Ik heb het gedaan en het is me gelukt. Op naar de volgende keer.


Said Kadrouch

Reacties:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *