Main content

Mijn hart deed het niet meer

In de aanloop naar de Socialrun train ik zo nu en dan samen met Anna; een nieuwe collega die net als ik gek bleek te zijn op rennen. We kletsen wat over ons werk in het ziekenhuis, dat van haar in de kliniek en het mijne in wetenschappelijk onderzoek.

Ondanks dat ik er al een tijdje werk, valt er over de resultaten van mijn onderzoeksproject nog weinig te vertellen. Het project moet min of meer nog beginnen omdat ik er door ziekte een jaar uit ben geweest, vertel ik. “Was het ernstig?” vraagt ze. Ja. “Levensbedreigend?”. Ik denk even na, en zeg dan opnieuw ja. Ik merk dat Anna nieuwsgierig wordt, en dat neem ik haar niet kwalijk. Na korte stilte vraagt ze wat ik had. “Mijn hart deed het niet meer”, zeg ik.

Mijn hart klopte alleen nog

Anna lijkt te schrikken; niet zo gek ook, aangezien we samen in de middle of nowhere ons hart lopen te tarten. Ik vertel haar hoe mijn hart er langzaam mee stopte. Steeds minder deed, verder afkoelde, trager en trager werd, tot ik uiteindelijk helemaal niets meer voelde. Helemaal niets meer. Donker, leeg, zwaar. Ik zat daar maar te zitten. Te huilen. Te kijken naar – ja, naar wat. Denken ging niet, werken ging niet, lachen ging niet. Met mensen afspreken ging al helemaal niet. Zelfs eten lukte me niet meer. Het enige wat mijn hart nog wél goed deed, was kloppen; precies datgene waarvan ik zó graag wilde dat het daar eens mee op zou houden.

Op een vreemde manier voel ik na dit verhaal een enorme drang om Anna te vertellen dat ze zich geen zorgen hoeft te maken. Het is allemaal goed gekomen. Er bleek een kliniek te zijn voor mensen zoals ik, en een medicijn dat werkte. Voorzichtig kijk ik opzij naar Anna. Ze lacht. “Gelukkig maar!” zegt ze. “Ik dacht even dat je écht een ernstig hartprobleem had!”

Wikken en wegen

Dit is waarom ik meedoe aan de Socialrun. Over psychische ziektes is veel te weinig bekend, zelfs bij mensen die, zoals Anna, met patiënten werken. En omdat het vreemd is dat ik wik-en- weeg als een collega vraagt naar mijn ziekte. Had ik een andere ziekte gehad, dan had ik waarschijnlijk geen moment getwijfeld. En toch kies ik heel zorgvuldig wie ik dit soort dingen vertel en wie niet. Zo zorgvuldig, dat ik deze blog zonder naam en foto laat plaatsen. Zelfs zo zorgvuldig, dat niemand in mijn Socialrun team weet dat ik naast wetenschapper ook ervaringsdeskundige ben.

De Socialrun gaat daar vast en zeker verandering in brengen: achtenveertig uur hutje-mutje op elkaar, dan komen dat soort dingen als vanzelf naar boven. Ik zie daar niet tegenop, het is geen geheim en ik kan er goed over praten. Maar stiekem vind ik het ook wel lekker dat het nog niet zover is.


Lisanne

Reacties:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *