Main content

evi henderikx

Op de grens – daar waar we elkaar ontmoeten

Gek eigenlijk, hoe weinig we het over intimiteit en grenzen hebben als het over de Socialrun gaat. Want als iets intiem is, dan is het wel 48 uur lang met een groep mensen opgescheept zitten. In kleine ruimtes, naast elkaar, soms tegen elkaar. Met deze mooi blog stimuleert Evi Henderikx ons om ook dit thema bespreekbaar te maken.

Vertel, hoe was je Socialrun-ervaring?’ vraagt een teammanager aan één van haar medewerkers in de teamvergadering, ongeveer een week na dit prachtige event in 2017.

Nou, ik heb met Evi in één ruimte geslapen, mijn Socialrun was perfect!’ antwoord de medewerker grappend.

Het team lacht hartelijk mee en de manager beantwoord zijn uitspraak met de afsluitende woorden: ‘Dat snap ik, dat had ik ook wel gewild.

Een week na de Socialrun galmen de ervaringen van alle deelnemende teamgenoten in onze organisatie na op de werkvloer

Het duurt niet lang tot ik de bijzondere opening van desbetreffende vergadering ter oren krijg. Een paar jaar daarvoor had ik een situatie als deze weggelachen. Hoogstwaarschijnlijk omdat het mij ongemakkelijk liet voelen en ik in die tijd nog niet zo goed wist wat ik met ongemak aan moest. Inmiddels had ik geleerd dat ongemakkelijkheid een mooie ingang naar gevoelsinformatie is en de moeite waard om wat langer bij stil te staan.

Wat vind ik van deze uitspraken?

Ik heb wel een mening over de gepastheid, vooral in deze context. Maar ach, het is een grapje; hij is het maar en van hem kan ik het hebben, van deze teammanager trouwens ook.

Mijn gedachten namen het over. Net als lachen is denken een perfect mechanisme om niet stil te staan bij mijn gevoel. Opnieuw: wat voel ik erbij? Ik voel me ongemakkelijk, misschien ook wel boos. Nee, dat is te groot. Voel ik iets van schaamte? Of voel ik me stiekem wel gevleid? Echt contact met mijn gevoel blijft uit. Ik besluit het te laten.

‘Stichting Socialrun wil letterlijk en figuurlijk de beweging zijn die openheid over psychische aandoeningen en sociale acceptatie van mensen met een psychische kwetsbaarheid stimuleert.’

Exact hierom deed ik mee aan de Socialrun. Openheid! De openheid van mijn grappende collega is een gebeurtenis waar men iets van kan vinden. Als ik er goed naar kijk is het gedrag, een uitingsvorm van zijn belevingswereld, op de manier zoals hij kent of hem past. Gaat openheid en sociale acceptatie nu niet precies daarover?

Dat de ander iets doet of zegt wat mij misschien niet past, ik niet begrijp, mij ongemakkelijk laat voelen. En er evengoed voor open sta dit te willen begrijpen. Dat ons model van de wereld waarin we leven naast elkaar kan bestaan en we door bespreekbaarheid de brug naar elkaar kunnen slaan.

Wanneer ik terugblik op de Socialrun is het op zijn minst bijzonder te noemen dat zowel mijn teamgenoten als ik met geen woord repte over de intieme bubbel waar we ons 48 uur in onderdompelde.

Een korte terugblik

Twee volle dagen dicht op elkaars lip. Bezwete lichamen in een kleine ruimte, naast elkaar, soms tegen elkaar aan. In elkaars nabijheid slapen en omkleden. Weinig slaap, vermoeidheid neemt toe. Iedere kilometer is een overwinning, gevierd met een high five of een knuffel. Pijn en fijn komen dichter bij elkaar. Soms schuurt of botst het even. Een lach en een traan. Rollen vervallen de eerste uren, diepere kennismakingen onderweg. Met afgevallen maskers gezamenlijk de finish gehaald.

Op het eerste gezicht zou ik kunnen zeggen dat we in een weekend als deze de contactcirkel sneller doorlopen dan we normaliter doen. En dat we de stappen van contact, naar hechting en intimiteit eerder zetten dan in een andere setting. Als ik beter kijk, zie ik dat dit niet waar is.

Intimiteit gaat over de behoefte tot het laten aanraken van onze eigen en het aanraken van andermans grenzen

Kortom het onderzoeken van onze grenzen, zowel lichamelijk als geestelijk.

Heb ik mijn grenzen überhaupt gevoeld dat weekend? Het eerlijke antwoord is: nee.
Naast dat ik als loper mijn fysieke grenzen minder gevoeld heb, geldt dit ook voor de beleving van het intieme contact met mijn teamgenoten. Is dit fout? Ik geloof niet in goed of fout, wel geloof ik dat het hier en nu de beste leerschool over mezelf is.

Ik denk terug aan het moment dat mijn benen gemasseerd werden door de sportmasseur van ons team. Mijn benen werden vaker gemasseerd door een sportmasseur, niks geks in die context. Toch was het anders, in het dagelijks leven was hij manager en ik ervaringsdeskundige. De rollen waren voor even vervallen, wat een mooi gegeven is, maar evengoed was het een verschuiving van context en dus grenzen. Hoe mooi was het moment dat hij zei; ‘toch wel een beetje gek dat ik nu je benen masseer.

Voor mij een duidelijk voorbeeld van iemand die in contact stond met deze verschuiving van grenzen

Ikzelf daarentegen wuifde deze opening tot gesprek met een grap en een grol de massagetafel af.

Na de Socialrun kon ik niet voelen wat de opmerkingen van mijn collega’s met mij deden, enkel omdat ik gedurende de Socialrun ook niet goed in contact stond met mijn gevoel. Wanneer ik niet echt in contact sta met mijn gevoel, sta ik ook niet echt in contact met de ander. Dit had een functie. Had ik dit namelijk wel gedaan, had ik naast plezier, trots en blijdschap, ook schaamte, ongemak en grenzen gevoeld. Pas wanneer alle gevoelens in contact aanwezig mogen zijn, kunnen we spreken van het daadwerkelijk beleven van het contact.

Op de grens! En exact daar is waar we elkaar echt ontmoeten!


Evi Victorine Henderikx maakt in haar werk alles bespreekbaar. Van intimiteit tot suïcidaliteit. Van seksualiteit tot minderwaardigheid. Meer lezen over Evi? Bezoek haar website evimaaktallesbespreekbaar.nl

Uit het boekje ‘Hoe raak ik je aan.’

‘Mensen hebben mensen nodig. Niemand kan zonder zijn medemens. We hebben ze nodig om aan te raken, zowel lichamelijk als geestelijk. We hebben mensen nodig om ermee te vechten, spelen, vrijen, leven. Waar het contact met de medemens ontbreekt, sterven mensen af als een plant zonder water. Mensen hebben mensen nodig.Maar mensen zijn ook bang voor elkaar. Vanaf onze vroegste geschiedenis leren we dat onze medemens ons kwaad kan doen. Niemand groeit op zonder ervaringen van teleurstelling, frustratie en pijn in het contact met zijn medemens. Mensen zijn bang voor elkaar.Daar staan we als enkeling omgeven door medemensen. We hebben ze nodig en we zijn bang voor ze. Zo ontstaat het spel van aantrekken en afstoten tussen mensen: met wie ga ik om? Hoe doe ik dat? Wanneer is het veilig genoeg om dichtbij te komen? Welke risico’s wil ik nemen? In welke contacten speel ik toneel? Met wie wil ik contact vermijden?’                                                                                          

Door mij vrij vertaald: De dans tussen vrijheid en nabijheid.

Reacties:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *